Slider_GSM_4189_voordestart150h.jpgslideheader_SaniDump.jpgslider_GSM_4516_natuur150h.jpgslideheader_ppw_2019.jpgIMG05065_nwSite.jpgslideheader_Rogelli.jpgDeMol_ZwijdrechtseBrug_01.jpgOverdrachtVolgwagen_1902201_slider.jpgVolgauto_nw_ZwijZwij_150h.jpgVael-Ouwe_2014_10.jpgslideheader_AlbertSchweitzer.jpgIMG04969_nwSite.jpgJoop_Schuringa_Classic_2014_35.jpgGroepsfoto_GSM_4625_slider150h.jpgslideheader_AALease.jpgSlider_GSM_4476_onderweg150h.jpgDeMol_JanJongman_01.jpgSlider_GSM_4299_2_achterkonten150h.jpgIMG05049_nwSite.jpgslideheader_MedPlus.jpgslideheader_MagnaCura.jpgslideheader_McDonalds.jpgslideheader_Baleco.jpgBaleco2014_crop.jpgslideheader_Ames.jpgSlider_GSM_4388_MolenArkel2_150h.jpgslideheader_Plieger.jpg
LogoDTCdeMol klein

Op de dag van de arbeid, 1 mei en zondag (?), vertrok een behoorlijk Mol-peleton (ongeveer 60 m/v) richting de Haringvlietbrug. Een voorspoedige rit, met zoals niet gebruikelijk in deze tijd van het jaar, een frisse oostenwind in het zadel.
Maar... voordat het zover was, dat vertrek, wees Jaap, mijn "maat" gedurende de heenweg, op het fabelachtige gezang van het aan de overkant van het clubhuis aanwezige gevogelte. De nachtegaal deed zijn best om aan te tonen dat hij bezig was de nachtegalinnen te verlokken.

Wat leuk dat Jaap me daarop attendeerde. Ik hoor wel eens vaker wat gefluit en getsjilp in het strukgewas of driftig gehamer op een oude boom, maar om zo, live nog wel, kennis te maken met een vogeltje dat je bijna nooit ziet, maakte voor mij de ochtendwijding wel erg heel bijzonder. En zeker als je er de volgende dag achter komt dat zo'n nachtegaal er al een hele lange reis heeft opzitten. Want, in de winter trekt de nachtegaal naar de savannes van Afrika. Als de vogels in het voorjaar terug komen, kiezen de mannetjes een territorium, waarbij ze met hun zang hun aanwezigheid kenbaar maken. Doordat er minder vrouwtjes zijn dan mannetjes en doordat sommige mannetjes meerdere vrouwtjes hebben, blijft een gedeelte van de mannetjes zonder partner. Hierdoor is de zang van de nachtegaal nog tot diep in de zomer te horen.
Tis effe een weet, je hebt er verder niks aan, aan die kennis, maar het is toch wel aardig om te weten.
Tijdens de heenrit, naar de koffiestop in het dorp met de toepasselijke naam Welberg, werd ik telkens op een ander vogelgeluid gewezen. Maar door het geraas van de wind in mijn zadel, werd het gefluit weleens naar de achtergrond gedrongen. Evenals het geluid van het resultaat van een verkeerd geschakelde ketting. Behalve deze geluiden viel de verwachte zwaarte van de terugrit te beluisteren. Want zoals gebruikeijk bij een rit die de vorm van heen en weer heeft, zou met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid de terugweg met de wind tegen het stuur moeten worden volbracht. De "snelle groep" begon als eerste aan de terugrit. Wie had verwacht dat die ijzer-(of carbon) vreters de wind zodanig hadden doorkliefd dat de "iets minder snelle groep" er geen last meer van zou hebben, kwam toch wel een beetje bedrogen uit. Het natuurverschijnsel wind speelde danig parten in de spraakvermogen van het MOL-peleton. De wind waaide de woorden uit je mond, voordat deze waren uitgesproken. De wind maakte de woorden van de buurfietsman onverstaanbaar, de wind raasde in de oren dat het een onaardige lust was. Wat waren we blij met een klein bosje dat de wind uit de oren haalde, wat waren we blij met iedere bebouwing die de wind maar enigszins kon tegenhouden.
En wat waren we (al dan niet meer fietsend) blij dat het clubhuis weer in zicht kwam. Uitblazend en hijgend, zonder iets te zeggen genieten van het feit dat het toch maar weer was gelukt. En zonder iets te zeggen, weer die nachtegalen horen. Ze waren er nog. Mooi dat ik ze nu kan herkennen.
Douwe.